FEMINISTISCH MANIFEST TER VERBETERING VAN DE ARBEIDSMARKT

In de aanloop naar verkiezingen wil The Feminist Club politieke partijen oproepen om zich actief in te zetten voor een eerlijkere arbeidsmarkt. Daarom heeft The Feminist Club een Feministisch Manifest geschreven, waarin wordt beschreven op welke gebieden verbetering noodzakelijk is. We willen politici aansporen om zich hard te maken voor een werkvloer waar seksisme, racisme, discriminatie, cisheteronormativiteit en andere ongelijkheid wordt uitgebannen.

Het Manifest bestaat uit de volgende 6 hoofdpunten:

  1. Reproductieve- en ouderschapsrechten
  2. Loonkloof en waardering voor ‘vrouwen’werk
  3. Vrijheid van kledingkeuze
  4. Seksueel geweld en seksuele intimidatie
  5. Racisme en discriminatie
  6. Volledige decriminalisering van sekswerk

Wil je het manifest steunen? Graag! We nodigen personen en organisaties van harte uit om het manifest te delen via hun eigen kanalen. Laat het vooral weten als je ons manifest steunt. We plaatsen graag steunbetuigingen op onze website en in het manifest. Je kunt ons bereiken via thefeministclub@autistici.org

Het manifest wordt ondersteund door:

Internationale Socialisten
Vrouwenplaza
Mad Mothers NL
Heidi Dorudi
21 Maart Comité
Women on Waves
dr. Miriyam Aouragh senior lecturer, University of Westminster (UK)
Artikel1
Doetank PEER 

Het manifest laat zich samenvatten in de volgende eisen:

Manifest samengevat in eisen

  • Recht op toegankelijke en betaalbare abortus en anticonceptie
  • Zwangerschaps- en borstvoedingsdiscriminatie uitbannen
  • Evenwichtig ouderschapsverlof voor beide partners
  • Betaalbare en goede kinderopvang voor alle gezinnen
  • De loonkloof zien verdwijnen
  • Dat ‘vrouwen’werk (zoals in de zorg en het onderwijs) ge(her)waardeerd wordt
  • Dat instituten, organisaties en bedrijven gestimuleerd worden om vrouwen, LHBT+’ers en mensen met een migratieachtergrond in topposities te brengen
  • Dat mensen zich zo mogen kleden als zij willen en het verbod op gezicht bedekkende kleding wordt teruggedraaid
  • Voortdurende aandacht voor seksuele intimidatie en seksueel geweld op de werkvloer
  • Actief beleid tegen Islamofobie en specifieke aandacht voor het groeiend aantal geweldplegingen tegen Moslims
  • Specifieke en uitgesproken standpunten tegen racisme
  • Dat vluchtelingen beschermd worden en welkom zijn, ook op de werkvloer
  • Specifieke en uitgesproken aandacht voor LHBT+’ers, die te maken hebben met specifieke vormen van discriminatie
  • Specifieke en uitgesproken aandacht voor mensen met een beperking, die te maken hebben met specifieke vormen va discriminatie
  • Aandacht voor het koloniaal heden en verleden van Nederland, op de werkvloer en in het onderwijs
  • Armoedebestrijding in de bijzondere gemeenten en landen binnen het Koninkrijk der Nederlanden (Bonaire, St. Eustatius, Saba, Sint Maarten, Aruba, Curaçao)
  • Betere en actievere bescherming van de mensenrechten in de bijzondere gemeenten en landen binnen het Koninkrijk der Nederlanden
  • Bescherming en uitbreiding van het recht op vrij verkeer van personen
  • Volledige decriminalisering van sekswerk, erkenning van sekswerk als arbeid
  • Bescherming van sekswerkers tegen discriminatie door gemeenten, politie, verzekeringen, banken enz., en actief beleid op dit gebied

Lees hieronder verder of download het manifest hier als pdf-bestand: Feministisch Manifest ter Verbetering van de Arbeidsmarkt

 

FEMINISTISCH MANIFEST TER VERBETERING VAN DE ARBEIDSMARKT

De Nederlandse samenleving is nog altijd een seksistische samenleving; vrouwen, LHBT+personen[1] en mensen met een migratieachtergrond[2] ervaren discriminatie, uitsluiting en ongelijkheid. Dit moet veranderen. Daarom heeft The Feminist Club Amsterdam dit manifest opgesteld. Dit is een oproep aan alle politieke partijen om de volgende belangrijke punten op te nemen in hun partijprogramma en zich er actief voor in te zetten in de komende regeringsperiode(n). Wij roepen politici op om zich hard te maken voor een werkvloer zonder seksisme, racisme, cisgendernormativiteit en andere vormen van discriminatie en uitsluiting.

Het manifest bestaat uit zes hoofdonderdelen. Elk onderdeel agendeert verschillende belangrijke punten die zijn onderbouwd met onderzoeken en artikelen, waarnaar veelvuldig verwezen wordt. De hoofdonderwerpen zijn:

  1. Reproductieve- en ouderschapsrechten
  2. Loonkloof en waardering voor ‘vrouwen’werk
  3. Vrijheid van kledingkeuze
  4. Seksueel geweld en seksuele intimidatie
  5. Racisme en discriminatie
  6. Volledige decriminalisering van sekswerk

 

[1] LHBT staat voor: Lesbisch, Homoseksueel, Biseksueel en Transgender. Wij gebruiken in dit manifest de term “LHBT+’ers” omdat er nog veel meer vormen van geaardheid en genderidentiteit bestaan (bijvoorbeeld: aseksueel, queer, intersekse). Door een plusteken toe te voegen willen we aangeven dat de afkorting ‘LHBT’ niet volledig is. Kort gezegd staat de term “LHBT+’ers” voor iedereen die niet past binnen de cisgender- en heteronorm.

[2] Mensen met een migratieachtergrond: ook dit is een ingewikkelde term. Deze term gaat doorgaans over mensen met een niet-witte huidskleur. Wij staan niet achter het gebruik van achterhaalde termen als ‘allochtoon’ en ‘autochtoon’.

  1. Reproductieve- en ouderschapsrechten

 

1.1 Recht op anticonceptie en abortus

Om gelijke kansen te bieden op de arbeidsmarkt, dienen anticonceptie en abortus beschikbaar en betaalbaar te zijn voor iedereen. Wij maken ons zorgen over de door minister Schippers aangekondigde wetswijziging, waardoor het huisartsen bemoeilijkt wordt om een overtijdbehandeling aan te bieden. Nu kunnen zij, volgens de wet, al het middel voorschrijven. Door artsen te verplichten hier een hier een licentie voor te behalen, wordt toegang tot mifepriston en misoprostol bemoeilijkt. Wij willen dat abortus toegankelijk blijft via verschillende kanalen. Schippers’ motivatie om de wet aan te passen is het abortuscijfer, terwijl dat in Nederland heel laag is. Het is ook een twijfelachtige wens. Zou niet juist het aantal ongewenste zwangerschappen omlaag moeten gaan, in plaats van het aantal abortussen? Er moet dus worden ingezet op gratis anticonceptie, niet op het ontmoedigen van zwangeren om een abortus te ondergaan.

 

1.2 Zwangerschaps- en borstvoeding discriminatie

43% van alle zwangere mensen heeft te maken met zwangerschapsdiscriminatie, volgens onderzoek wordt 1 op de 10 vrouwen een baan geweigerd wegens hun zwangerschap en nog eens 1 op de 5 vrouwen heeft een sterk vermoeden dat dit hen is overkomen (bron). De overheid dient zich actief in te zetten tegen deze vormen van discriminatie.

 

Een specifiek vlak waarop ouders discriminatie ervaren is het geven van borstvoeding en kolven (zie bijvoorbeeld hier). Er zijn duidelijke wetten rond het geven van borstvoeding en het kolven van melk (zie hier), hier moet streng op worden toegezien door de overheid. Het is niet acceptabel wanneer ouders in een toilethokje moeten kolven of wanneer zij gedwongen worden om te stoppen met borstvoeding te geven terwijl zij dat niet willen.

 

1.3 Ouderschapsverlof

Het ouderschapsverlof is Nederland zeer oneerlijk verdeeld. Zwangeren hebben recht op 16 weken zwangerschapsverlof, waarvan 6 weken voor de uitgerekende datum en 10 weken erna (zie hier). De partner heeft slechts recht op 2 dagen betaald verlof en op 3 dagen onbetaald verlof (zie hier). Het is de bedoeling dat vanaf 1 januari 2019 deze 5 dagen allemaal als betaald verlof kunnen worden opgenomen (zie hier).

Tot de achtste verjaardag van het kind hebben beide ouders recht op 26 weken onbetaald verlof (zie hier), al zijn er ook werkgevers die dit verlof wel betalen (zie hier).

 

Wij willen de politieke partijen in Nederland aansporen om te streven naar een systeem dat zwangere personen niet benadeeld. In het huidige systeem wordt de zwangere ouder gedwongen om veel meer vrij te nemen dan hun partner. Een systeem zoals in Noorwegen of IJsland vormt een mooi voorbeeld voor Nederland (zie hier), waarbij beide ouders een specifiek aantal weken ouderschapsverlof wordt toegewezen die niet kunnen worden overgeheveld naar een partner.

 

Organisaties als Rutgers, Atria en Emancipator hebben zich al duidelijk uitgesproken om de situatie rond ouderschapsverlof te verbeteren.

 

1.4 Kinderopvang

Er zijn verschillende vormen van kinderopvang, waaraan veel verschillende regels verbonden zijn (zie hier).

De kwaliteit van de kinderopvang moet goed in de gaten worden gehouden en in veel gevallen worden verbeterd; ongeveer 20% van de kinderopvangcentra worden als onvoldoende beoordeeld door de inspectie (zie hier en hier). In vergelijking met andere landen is de kinderopvang in Nederland duur en kan dit tot wel een vijfde van het gezinsinkomen kosten (zie hier). Omdat kinderzorg vaak op de schouders van moeders (en specifieke alleenstaande moeders) terecht komt, wordt hierdoor een groot obstakel opgeworpen voor vrouwen om deel te nemen aan de arbeidsmarkt. Daarnaast weerhouden deze hoge kosten ouders met een laag inkomen ervan om hun kinderen naar de kinderopvang te brengen. Dit terwijl kinderopvang zeer bevorderlijk is voor de ontwikkeling van kinderen, zeker voor kinderen met een lage sociaal-economische status (zie hier).
Kinderopvang zou voor iedereen toegankelijk moeten zijn, zodat vrouwen en alleenstaande ouders meer kans hebben op de arbeidsmarkt. Opvang dient betaalbaar, toegankelijk en bereikbaar te zijn. Een goed voorbeeld is hier te vinden.

 

  1. Loonkloof en waardering van ‘vrouwen’werk

 

2.1 Loonloof

Uit verschillende onderzoeken blijkt dat er in Nederland een loonkloof tussen mannen en vrouwen bestaat van ongeveer 15% (zie hier, hier, hier en hier).

We willen dat politieke partijen zich actief inzetten om deze kloof te sluiten. Deze kloof is voor gekleurde vouwen nog groter, dit laat zien hoe sekse en ras gezamenlijk voor gekleurde nog grotere nadelen opleveren.

 

2.2 De waarde van ‘vrouwen’werk

Als het aankomt op de loonkloof, zijn er altijd mensen die benadrukken dat vrouwen dit aan zichzelf te danken hebben (zie hier en hier). Vrouwen werken vaker parttime en kiezen voor werk dat slechter betaald wordt. Wij doen een dringend beroep op politici om zogenaamd ‘vrouwen’werk te herwaarderen. In banen waar voornamelijk vrouwen werken, zoals het onderwijs en de zorg, zijn de salarissen bedroevend laag. Banen waar van oudsher veel mannen werkten, maar die nu steeds meer door vrouwen worden uitgeoefend, zien een sterke daling in salaris (zie hier). Dit laat een diep systemisch seksisme zien, dat moet worden overwonnen.

 

2.3 Topposities

Vrouwen zijn nog steeds ernstig onder gerepresenteerd in de top van de academische beroepen (slechts 16% van de professoren is vrouw) en in de private sector (slechts 11% van de topposities worden door vrouwen uitgeoefend). De overheid zelf is ook een droevig voorbeeld, slechts 57 van de 150 Kamerleden is vrouw. Qua gendergelijkheid staat Nederland op de 16e plaats van de wereld, ver onder landen als Rwanda en Burundi (zie hier). Er is dus veel ruimte voor verbetering! De recente inspanningen van minister Bussemaker zijn een goed begin, wij verwachten van politieke partijen dat zij deze inspanningen ondersteunen en uitbreiden naar andere sectoren. Hierbij is specifieke aandacht nodig voor minderheidsgroepen, zodat de top niet langer uit een collectief van witte heteromannen bestaat, maar een goede afspiegeling van de samenleving is. Dit betekent dus dat organisaties en beursgenoteerde bedrijven ook gestimuleerd worden om meer LHBT+’ers en mensen met een migratieachtergrond aan te nemen

 

 

  1. Vrijheid van kledingkeuze

Wij willen dat alle mensen vrij zijn om de kleding te dragen die zij willen. Het verbieden van religieuze gezicht bedekkende kleding moet zo snel mogelijk worden teruggedraaid (zie hier en hier). Dress codes zijn doorgaans meer restrictief voor vrouwen dan voor mannen (zie hier), terwijl dit soort gedragsregels niet sekse of gender specifiek zouden moeten zijn. Iedere werknemer zou er bijvoorbeeld vrij in moeten kunnen zijn om een broek of rok te dragen, zelf te beslissen welk schoeisel zij dragen enzovoort.

 

Daarnaast zou kleding nooit een reden mogen zijn om een vrouw te beschuldigen wanneer zij slachtoffer is van (seksuele) intimidatie of geweld.

 

  1. Seksueel geweld en seksuele intimidatie

Eén op de tien werknemers is slachtoffer van seksuele intimidatie, vooral jonge vrouwen zijn kwetsbaar voor deze vorm van intimidatie (zie hier). Dit geldt nog sterker voor gekleurde vrouwen en mensen die behoren tot de LHBT+ community (zie hier). Politieke partijen moeten zich uitspreken tegen deze vormen van intimidatie en meer moeite steken in preventie.

 

Uit recent onderzoek blijkt dat een derde van alle vrouwen te maken heeft gehad met seksueel geweld, voor transgenders is dat 19 tot 50%, voor lesbiennes, homo’s en biseksuelen 13,5 tot 36,3% en voor mannen is dat 7,7% (zie hier). Tegelijkertijd geeft 27,7% van de Europeanen aan dat verkrachting onder bepaalde omstandigheden gerechtvaardigd is (zie hier). In Nederland wordt van slechts 11% van de verkrachtingen  aangifte gedaan, en van deze aangiften leidt slecht 10% tot een veroordeling (zie hier). Het is dus zonder meer erg belangrijk dat politieke partijen zich actief blijven inzetten tegen seksueel geweld; specifiek ook op de werkvloer.

 

  1. Racisme en discriminatie

In de voorgaande punten werd al meermaals benoemd dat verschillende vormen van discriminatie ernstiger gelden voor gekleurde vrouwen en voor LHBT+ers. In deze tijd van groeiende polarisatie is bescherming van verschillende meer kwetsbare groepen in de samenleving van levensbelang.

 

5.1 Politie

Eén van de grootste aandachtspunten zal uit moeten gaan naar de politie. Het is in de afgelopen tijd pijnlijk duidelijk geworden hoe groot de problematiek is rond etnisch profileren (zie hier en hier). De top van de politie geeft aan dat etnisch profileren niet kan en mag, maar veel agenten blijken het hier niet mee eens te zijn. Er wordt veel gerept over nieuw diversiteitsbeleid bij de politie (zie hier en hier), waarbij een stimulans moet komen om meer mensen met een migratieachtergrond en meer LHBT+’ers aan te nemen. Wij vinden het hierbij ontzettend belangrijk dat er niet alleen een verbetering plaatsvindt in het aannamebeleid, maar ook in het beleid op de werkvloer. Agenten dienen diversiteitstrainingen te krijgen, waarin een respectvolle en gelijkwaardige organisatiecultuur wordt gestimuleerd. In het verleden is er al vaker beleid geweest op het aannemen van mensen met diverse achtergronden. Zolang de cultuur binnen de politiekorpsen racistisch en discriminerend is (zie hier), is dit beleid weinig zinvol.

Overigens geldt dat ook binnen andere (semi-)overheidsinstellingen sprake is van racisme en discriminatie, zoals bij defensie en in de zorg (zie hier). Ook hier dienen politieke partijen aandacht aan te besteden.

 

5.2 Islamofobie

Het aantal Islamofobische aanvallen is in de afgelopen jaren sterk toegenomen (zie hier, hier en hier). Het is belangrijk dat politici laten zien dat zij achter hun islamitische burgers blijven staan. Wij willen dat partijen zich hier expliciet tegen uitspreken en het benoemen in hun programma. Het terugdraaien van het verbod op gezichtbedekkende kleding (zie punt 3) is daarin erg belangrijk. Het is ook belangrijk dat islamofoob geweld niet alleen in woord, maar ook in daad wordt veroordeeld. Er moet actief beleid worden opgesteld om dit te voorkomen en het te bestraffen. Verder moet het recht om Islamitische scholen en moskeeën te stichten gerespecteerd worden.

 

5.3 Mensen met een migratieachtergrond

Al in de eerdere punten is genoemd dat huidskleur en afkomst op veel vlakken voor een slechte situatie kan zorgen. Mensen met een migratieachtergrond  krijgen minder betaald (zie 2.1 en 2.2) en hebben vaker te maken met seksueel geweld (zie punt 4).  Specifiek beleid tegen discriminatie en racisme is iets dat in veel partijprogramma’s ontbreekt. Wij vinden dat dit in elk partijprogramma benoemd zou moeten worden en er actief beleid moet worden opgesteld. Een goed voorbeeld hiervan is de stimulans tot anoniem solliciteren (zie hier).

Recent kwam uit onderzoek naar voren dat uitzendbureaus zonder meer bereid zijn om wit personeel te leveren wanneer hierom wordt gevraagd (zie hier). Politieke partijen moeten inzetten op onderzoek naar dit soort racisme en sancties opleggen bij organisaties die een racistische werkwijze hanteren.

 

5.4 Vluchtelingen welkom!

Vluchtelingen zijn welkom en de overheid dient ervoor zorg te dragen dat deze mensen goed verzorgd worden en zo snel mogelijk mee kunnen draaien op de arbeidsmarkt. Wij zijn voorstander van kleinschalige opvang, waarbij vluchtelingen spoedig kunnen deelnemen aan taallessen. Indien mogelijk moeten vluchtelingen zo snel mogelijk (vrijwilligers)werk kunnen uitvoeren.

Vrouwelijke vluchtelingen zijn erg kwetsbaar, zij maken tijdens hun vlucht vaak geweld mee en zijn vaak slachtoffer van verkrachting (zie hier). In de afgelopen jaren zijn ook meermaals verhalen opgedoken van gedwongen prostitutie in vluchtelingenkampen (zie hier). De overheid dient deze vrouwen te beschermen.

Voor LHBT+ vluchtelingen geldt ook dat zij vaak extra gevaar lopen, ook in AZC’s (zie hier). Actieve inzet op bescherming van deze vluchtelingen is geboden.

 

5.5 LHBT+discriminatie

LHBT+ers hebben te maken met discriminatie en geweld, vooral jongeren binnen deze groep zijn kwetsbaar (zie hier en hier). Homomannen hebben bijvoorbeeld ten opzichte van heteromannen meer te maken met discriminatie en geweld (zie hier).

Transgenders hebben in grote mate te maken met discriminatie en geweld, op de werkvloer en in de bredere samenleving (zie hier, hier en hier). Zij voelen zich op de werkvloer vaak onveilig en gerend in hun carrière door hun genderidentiteit. In de wet gelijke behandeling moet genderindentiteit en genderexpressie worden vastgelegd (zie hier en hier). Er moet hen brede en goede gezondheidszorg worden aangeboden, momenteel zijn de wachtlijsten op genderpoli’s bijvoorbeeld veel te lang (zie hier).

 

Er is sprake van een grote schijntolerantie, waarin mensen zeggen dat zij geen problemen hebben met LHBT+ers, terwijl deze groep toch grote problemen ervaart (zie hier). Politieke partijen dienen zich structureel in te zetten tegen deze vorm van discriminatie, een keertje meevaren met de jaarlijkse Canal Parade is daarvoor niet genoeg. Bescherming van LHBT+’ers moet expliciet in de wet worden opgenomen.

 

5.6 Mensen met een beperking

Mensen met een handicap of chronische ziekte ervaren discriminatie op de werkvloer (zie hier). Het aantal meldingen van discriminatie van mensen met een beperking is ongeveer even hoog als het aantal meldingen van seksisme en racisme. Het gaat hier dus om een wezenlijk probleem. De werkplek (alsmede openbare gebouwen) dienen goed toegankelijk te zijn voor mensen met een beperking, maar er moet ook aandacht zijn voor beleid op de werkvloer, waarbij goede en respectvolle omgang gestimuleerd wordt.

 

5.7 Aandacht voor koloniaal verleden en heden

Het is belangrijk om binnen de politiek meer aandacht te besteden aan het koloniaal verleden en heden van Nederland. De overzeese gebieden worden vaak vergeten of gezien als één uniform gebied, terwijl er grote culturele verscheidenheid is. Ook moet er in het onderwijs stelselmatig aandacht zijn voor de verschillende eilanden en hoe de huidige politieke en sociale situatie tot stand is gekomen. Door deze bewustwording kan racisme worden teruggedrongen en krijgen alle inwoners van Nederland eerlijkere kansen op de arbeidsmarkt (zie hier en hier).

De rol van Nederland in de geschiedenis van de slavernij maakt deel uit van de kerndoelen voor het onderwijs. Er moet nauwlettend op worden toegezien dat hier structureel aandacht aan wordt besteed, zodat opgroeiende kinderen worden opgeleid tot bewuste en kritische burgers, met kennis van de systematische onderdrukken die is ontstaan in de slavernij.

 

 

5.8 Bijzondere gemeenten en landen in het Koninkrijk der Nederlanden

Verschillende eilanden in het Caribisch gebied maken nog altijd op een bijzondere manier deel uit van het Koninkrijk der Nederlanden. Op deze eilanden is verschillende problematiek, waarvoor politici zich hard dienen te maken.

 

5.8.1 Armoede

Bonaire, Sint Eustatius en Saba zijn bijzondere gemeenten binnen het Koninkrijk. De bewoners van deze eilanden worden op verschillende vlakken als tweederangs burgers behandeld (zie hier). Op deze eilanden is het minimumloon aanzienlijk lager dan in het Europese deel van Nederland (zie hier en ter vergelijking hier), evenals de kinderbijslag en de bijstand (zie hier). Verschillende uitkeringen zijn überhaupt niet aan te vragen op de bijzondere gemeenten. Dit alles terwijl de levenskosten op de eilanden hoger zijn, op Bonaire kosten boodschappen bijvoorbeeld zo’n 40% meer dan in het Europese deel van Nederland (zie hier). Het Nibud heeft vastgesteld dat de bewoners van Bonaire onder de armoedegrens leven (zie hier). (Meer over armoede in het Caribische gebied is hier te lezen)

Wij willen dat deze uitkeringen en toeslagen gelijk worden getrokken voor de bewoners van de BES-eilanden. Elke inwoner van Nederland moet aanspraak kunnen maken op een eerlijk minimumloon en de verschillende toeslagen. Dit bevordert ook de kansen op de arbeidsmarkt en de kans om uit de structurele armoede te kunnen komen.

 

5.8.2 Mensenrechten

Het Europees recht, de mensenrechtenverdragen van de VN en de Raad van Europa, en de kinderrechten moeten ook in de delen van Nederland buiten Europa worden gerespecteerd en gehandhaafd. Dit is nu nog niet altijd het geval (zie bijvoorbeeld hier en hier), terwijl het de plicht van het land is om er op toe te zien dat deze rechten overal gerespecteerd worden (zie hier).  Wij vinden dat hier actief en voortdurend onderzoek naar moet worden gedaan, zodat iedere burger een veilig leven kan leiden.

 

5.8.3 Vrij verkeer

Voor alle inwoners van de bijzondere gemeenten en de landen binnen het Koninkrijk der Nederlanden (dus: Bonaire, Sint Eustatius, Saba, Aruba, Curaçao en Sint Maarten) moet het vrije verkeer mogelijk blijven. Voorstellen zoals die van Fritsma (PVV, 2013) en Bosman (VVD, 2013) zijn racistisch, het is niet voor niks dat de Raad van State zich hiertegen heeft uitgesproken. Politieke partijen moeten hierin het voorbeeld van de Raad van State volgen. Het vrij verkeer van personen is een recht dat voor alle burgers dient te gelden, het uitsluiten van Nederlandse burgers in gebieden buiten Europa is racistisch. Dit recht zou dus moeten worden uitgebreid in plaats van teruggedrongen (zie hier).

 

 

  1. Decriminalisering van sekswerk

 

6.1 Achtergrond

Wij, als groep feministen, steunen sekswerkers (zie ook: hier en hier). In sommige gevallen zijn wij ook sekswerkers. De rechten van sekswerkers worden in Nederland niet volledig herkend en gerespecteerd. Dit komt voornamelijk door de bevooroordeelde ideeën die men heeft over sekswerk, die vaak op gender gebaseerd zijn. Sekswerk wordt vaak geassocieerd met gemarginaliseerde groepen vrouwen, zoals vrouwen uit de arbeidersklasse, transvrouwen, alleenstaande moeders, migranten en gehandicapten vrouwen. Wanneer het gaat over sekswerkers – die niet als respectabel worden gezien – wordt hun vermogen om beslissingen te maken over hun eigen leven, lichaam en werk, continu in twijfel getrokken. Wij vinden dat hier grote verandering in moet komen en roepen politici op om bij te dragen aan deze verandering.

 

6.2 Specifieke problematiek

In Nederland hebben sekswerkers te maken met discriminatie door de politie, gemeentes, banken, verzekeringsinstellingen, professionals in de gezondheidszorg en sociale voorzieningen. Sekswerkers hebben zelden toegang tot bescherming van hun Nederlandse arbeidsrechten. Ze hebben vaak te maken met intimidatie door politie, hun legale werkplekken worden vaak gedwongen gesloten door de gemeente en sekswerkers worden gedwongen tot illegale registratie door gemeenten. Het zou zo moeten zijn dat de arbeidsrechten van sekswerkers steeds beter worden beschermd door de wet, maar het omgekeerde is de werkelijkheid. De wetten in Nederland werken steeds meer verdrukkend.

 

Om deze problematiek op te kunnen lossen, moet sekswerk worden erkend als werk. Mensen die seksuele services verkopen, behoeven volledige decriminalisering van hun werk om hun veiligheid en gezondheid te kunnen waarborgen.

We willen dat schadelijke praktijken, zoals politie intimidatie en illegale registratie door gemeenten, nu stopt. We zijn tegen een wettelijk systeem dat lijkt op het Noordelijke/Zweedse model, waarin de klant en/of derden strafbaar worden gesteld door met sekswerkers te werken. We pleiten voor een system zoals dat in Nieuw-Zeeland: volledige decriminalisering. Op die manier wordt sekswerk als (gewoon) werk gezien, waardoor sekswerkers toegang hebben tot een vastgesteld raamwerk van arbeidsrechten.

 

Elk onderzoek wijst op het belang van volledige decriminalisering, dit is geconcludeerd door de World Health Organisation (zie ook hier), UNFPA, Amnesty International, UNDP, Human Rights Watch, the World Bank (zie bijvoorbeeld hier), the Global Alliance Against Trafficking in Women (GAATW), the International Community of Women Living with HIV en the International Women’s Health Coalition. Organisaties die door sekswerkers worden geleid pleiten eveneens voor de volledige decriminalisaring van sekswerk. Onder andere de Nederlandse organisatie PROUD, the International Committee for the Rights of Sex Workers in Europe, The Tampep European Network of Migrant Sex Workers (zie ook hier), the Asia Pacific Network of Sex Workers, The Africa Sex Workers Alliance, en nog veel meer –door sekswerkers geleide organisaties.